De power factor geeft de verhouding weer tussen de werkelijke stroom en de schijnbare stroom.
We zullen het proberen uit te leggen zonder al te diep in de wetenschappelijk achtergrond te duiken, daarvoor verwijzen we u graag naar andere sites op het Internet zoals Wikipedia.
Veel IT apparaten maken gebruik van een geschakelde voeding. Deze voeding neemt een deel van de aangeboden sinusvormige wisselstroom af en kaatst het niet afgenomen deel terug op het net (reactieve stroom). De aangeboden stroom is de schijnbare stroom en het deel dat feitelijk wordt afgenomen (omgezet in energie) is de werkelijke stroom.
Door de werkelijke stroom te delen door de schijnbare stroom ontstaat de powerfactor, vaak aangeduid in procenten.
Moderne apparatuur zouden een powerfactor moeten hebben die hoger is dan 0,9 (90%).
Het risico van een lage powerfactor is dat de effectiviteit van de infrastuctuur er negatief door wordt beïnvloedt. Als de gemiddelde powerfactor van de IT apparaten 80% is, dan wordt slechts 80% van de infrastructuur benut voor het overbrengen van energie. Er moet dus meer bekabeling en andere infrastructurele zaken worden gebruikt dan strikt nodig zou zijn voor de distributie van energie. Dat kost veel geld en druist in tegen de initiatieven op het gebied van groene IT.
De meters van Schleifenbauer geven aan wat de powerfactor is van de aangesloten apparatuur zodat u, zelfs tot op serverniveau (!), die zaken in de gaten kunt houden.
|